Het Openbaar Ministerie en medische zaken

Het Openbaar Ministerie is belast met de leiding over het opsporingsonderzoek en vervolging van strafbare feiten. Deze strafbare feiten kunnen plaatsvinden op elk maatschappelijk terrein en kunnen opzettelijke feiten betreffen of kunnen bijvoorbeeld het gevolg zijn van het niet inachtnemen van de vereiste zorgvuldigheid. Ook voor, tijdens of na een medische (be)handeling kan door een zorgverlener een strafbaar feit jegens de patiënt gepleegd worden. ‘Klassiek voorbeelden’ van zo’n strafbaar feit zijn het afzetten van het verkeerde been of het toedienen van onjuiste medicatie of bloed van de verkeerde bloedgroep.

Binnen het Openbaar Ministerie worden de medische zaken behandeld door medische officieren. Op ieder regionaal parket is zo’n medisch officier aanwezig, medische zaken uit de kleinere lokale parketten worden naar de medisch officier doorgeleid.

Definitie medische zaak

Het Openbaar Ministerie hanteert de volgende definitie:
“Een medische zaak is een zaak waarin de verdachte een persoon is die werkzaam is in de (geestelijke) gezondheidszorg of de alternatieve gezondheidssector en wiens, al dan niet onbevoegd of ondeskundig, handelen of nalaten een vermoeden oplevert van een strafbaar feit zoals omschreven in het Wetboek van Strafrecht en/of de relevante wetten.”

Het handelen van verdachte moet gebeuren tijdens en/of passen in/binnen het kader van de, objectief vastgestelde, normale beroepsuitoefening en/of beroepsopvatting en/of taakopvatting en/of handelswijze. Daarnaast valt binnen deze definitie: het verrichten van een handeling waarvan verdachte weet althans redelijkerwijs moest vermoeden hierover niet voldoende deskundigheid te beschikken en/of hiertoe niet bevoegd te zijn en voor welke gedraging geen rechtvaardigingsgrond aanwezig is. Als een handeling nagelaten wordt dan moet het redelijkerwijs, gelet op de deskundigheid van verdachte op de weg van verdachte hebben gelegen om te handelen.

Voorbeelden:

  • een foute medicatie-toediening door een arts of verpleegkundige
  • een fout uitgevoerde operatie door een arts
  • een alternatief genezer die een bepaalde behandeling voorschrijft terwijl hij of zij daarvoor niet de nodige deskundigheid heeft
  • een alternatief genezer die mensen van de reguliere gezondheidszorg afhoudt.

Buiten deze definitie vallen dus bijvoorbeeld de volgende gevallen:

  • een arts of verpleegkundige die (in het kader van zijn beroepsuitoefening) een zedendelict pleegt
  • een arts of verpleegkundige die (in het kader van zijn/haar beroepsuitoefening) een vermogensdelict pleegt

Inspectie voor de Gezondheidszorg

Zodra een verdachte zijn of haar beroep binnen de gezondheidszorg gebruikt voor het plegen van enig strafbaar feit dan overweegt het Openbaar Ministerie altijd of de zaak gemeld moet worden aan de Inspectie voor de Gezondheidszorg. Deze melding zal in veel gevallen plaatsvinden. De Inspectie voor de Gezondheidszorg bepaalt zelf of zij onderzoek verricht met inachtneming van onder andere de Leidraad onderzoek door de Inspectie voor de Gezondheidszorg.

Expertisecentrum medische zaken

De medewerkers van het Openbaar Ministerie die zich met medische zaken bezighouden worden ondersteund door de twee medewerkers van het Expertisecentrum Medische Zaken. Het Expertisecentrum is gevestigd op het parket Rotterdam en wordt gevormd door M. van Eykelen en N. Eken-de Vos. Het expertisecentrum adviseert en informeert (on)gevraagd, werkt mee aan het opstellen van beleid en voert overleg met externe partners.

Wanneer en hoe strafrechtelijk onderzoek

Een (mogelijk) medische zaak start door een melding van bijvoorbeeld een gemeentelijk lijkschouwer en/of een aangifte van de patiënt of diens naasten of andere personen die een strafbaar feit vermoeden. Voor de officier van justitie is het vaak noodzakelijk om meer informatie te verzamelen over wat er medisch gezien gebeurd is, hoe het eigenlijk had moeten verlopen en wat de ernst van de mogelijke afwijking van een norm is. Omdat hiervoor feitelijke kennis van het medisch handelen nodig is zal de officier veelal een medicus om advies moeten vragen. Dit kan bijvoorbeeld door overleg met de Inspectie voor de Gezondheidszorg en/of een forensisch arts te voeren.
Nadat het voor de officier duidelijk is wat er gebeurd is kan besloten worden of en zo ja op welke wijze (nader) strafrechtelijk onderzoek verricht gaat worden. Soms kan volstaan worden met een melding naar de Inspectie. Alleen als een vermoeden bestaat dat een strafbaar feit is gepleegd zal de officier overwegen om een strafrechtelijk onderzoek te starten. Dit onderzoek zal veelal feitelijk gebeuren door de politie. Naast het benoemen van deskundigen kan de officier ook de rechter-commissaris vorderen om een Gerechtelijk Vooronderzoek te openen om bijvoorbeeld betrokkenen te horen.

Wanneer wordt medisch onzorgvuldig handelen een misdrijf?

Medisch onzorgvuldig handelen wordt een misdrijf als aan de delictsbestanddelen van een misdrijf zoals omschreven in het Wetboek van Strafrecht of bijvoorbeeld de Wet op de Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg is voldaan.

Wanneer vervolging?

De eerste voorwaarde voor een strafrechtelijke vervolging is de overtuiging van de officier van justitie dat er voldoende bewijs is voor een of meer strafbare feiten gepleegd door een of meerdere personen of een rechtspersoon. Daarnaast moet een vervolging opportuun zijn. Een van de overwegingen die hierbij een rol kunnen spelen is een eerdere tuchtrechtelijke en/of civielrechtelijke veroordeling. Als de officier bijvoorbeeld van mening is dat de verdachte door een tuchtrechtelijke en/of civielrechtelijke veroordeling ‘genoeg’ is gestraft kan dit een reden zijn om te beslissen geen strafrechtelijke vervolging in te stellen.

Sepot door gebrek aan kennis?

Medische strafzaken worden niet geseponeerd door een tekort aan kennis bij het Openbaar Ministerie. Mede door de werkzaamheden van het expertisecentrum en door de mogelijkheid om externe medisch deskundigen in te schakelen is er geen reden om een zaak als gevolg van een gebrek aan kennis te seponeren.
Medische zaken hebben voor de patiënt, de nabestaanden en de betrokken zorgverlener(s) vaak bijzonder grote gevolgen, mede hierom is het voor het Openbaar Ministerie van belang om middels een onderzoek duidelijk te krijgen wat er precies is gebeurd. De reden waarom het Openbaar Ministerie in veel medische zaken niet tot een strafrechtelijke vervolging overgaat is gelegen in het feit dat medische zaken hoge eisen stellen aan het bewijs dat het Openbaar Ministerie moet leveren. In veel gevallen is dit bewijs er niet of onvoldoende waardoor de officier van justitie moet beslissen om de zaak te seponeren.

Hoeveel vervolgingen?

Het gaat om een gering aantal. Naar schatting ligt het aantal strafrechtelijke vervolgingen in Nederland onder de 25 zaken per jaar.

Medisch beroepsgeheim

Het medisch beroepsgeheim dient twee belangen, te weten de privacybescherming van de patiënt en de vrije toegang tot de gezondheidszorg. Belangrijk is dat het medisch beroepsgeheim er is voor de bescherming van de patiënt en niet de (strafrechtelijke) bescherming van de zorgverlener. Het medisch beroepsgeheim is niet absoluut en kan door de zorgverlener bijvoorbeeld doorbroken worden als de patiënt daarvoor toestemming geeft of als sprake is van bijzondere omstandigheden.

Verklaring natuurlijke/ niet-natuurlijke dood

De definitie van een (niet)natuurlijke dood staat vermeld in het GHI bulletin uit mei 1991 van de Hoofdinspectie van de Volksgezondheid.

Bij twijfel of een zekere niet-natuurlijke dood neemt de gemeentelijk lijkschouwer contact op met de Officier van Justitie. In overleg met de gemeentelijk lijkschouwer moet de officier bepalen of er een gerechtelijke sectie geïndiceerd is. De officier moet tevens beslissen wat er moet gebeuren met het beslag op het stoffelijk overschot. Met andere woorden of het lichaam vrijgegeven mag worden voor begraving of crematie.

Onderzoeken tonen aan dat het nog wel eens voorkomt dat een verklaring van (natuurlijk) overlijden wordt afgegeven terwijl dit strikt genomen een niet-natuurlijke dood betreft. Hiervoor worden verschillende redenen genoemd zoals

  • de rompslomp van het bellen van de politie (vaak gaat het bellen van een gemeentelijk lijkschouwer via de politie)
  • het lijk mag niet verplaatst worden in afwachting van de lijkschouwer/politie
  • het willen sparen van de gevoelens van de nabestaanden
  • de overtuiging dat er geen strafbaar feit is gepleegd en dat melding van een niet-natuurlijke dood ‘dus’ geen zin heeft.

Al deze overwegingen mogen echter volgens het Openbaar Ministerie nooit leiden tot het afgeven van een foute verklaring rond het overlijden. Door het afgeven van een verklaring natuurlijke dood terwijl het een niet-natuurlijke dood betreft wordt een strafbaar feit gepleegd te weten valsheid in geschrift (artikel 225 Wetboek van Strafrecht) en de specialis artikel 228 wetboek van Strafrecht, een valse verklaring afgegeven door een arts. Het Openbaar Ministerie zal indien daartoe gronden aanwezig zijn een strafvervolging instellen tegen overtreding van genoemde artikelen.

3 Reacties op “Het Openbaar Ministerie en medische zaken”

  1. ad aerts schreef:

    Geachte lezer,
    mijn vrouw is op 1 mei 1`997 door dr. Bom, ortopeed van het jeroen Bosch ziekenhuis in den Bosch geopereerd voor een eenvoudige ingreep aan haar knie.
    Door het toepassen van veel te hoge druk van de bloedleegte band is er een ernstige beschadiging ontstaan aan de nervus femoralis met als gevolg zeer ernstige beperkingen aan het rechter been .
    Tot en met heden loopt de rechtzaak nog steed, terwijl in maart 2009 het hof in den Bosch aansprakelijkheid heeft uitgesproken ten nadele van het ziekenhuis.
    Dr. Bom beriep zich in de procedure op literatuur uit 1977. Ten tijde van de operatie was de literatuur aangaande bloedleegte aangepast volgens de uitgave van 1992.
    Als Dr. Bom die kennis had bijgehouden, wat zijn plicht is als arts, dan was de voor mij catastrofale fout waarschijnlijk niet opgetreden.
    In die periode ben ik uitsluitend bezig geweest met herstel, behandelingen in binnen en buitenland.
    Kan ik nu nog iets ondernemen tegen deze arts, hij mag niet nog eens in de fout gaan, en een controle of hij zijn beroeps kennis heeft bijhgehouden zoals het moet is het minste
    Graag uw reactie
    Gr.
    ad aerts

  2. beste medewerkers medische Zaken.Ik johnny ben echt op zoek naar enige machtbaarheid en proffesionelle hulp met het samenstellen van een geneeskundig verklaaring.Ik ben sinds 2004 in Deutschland schizofreen verklaard.En sinds die dag beginnen mijn oren te praten met mezelf.Een andere positievelijke rationele type-vorm kan ik helaas niet helemaal artiquileren .niet gebrek aan stof,tot op korte waarschijnlijkheid.gezien mijn verleden .Had mijn ex werkgever voor wie ik in een kolonie had gewerkt een spionnen bedrijf opgezet,we hadden verschillende operationelle aspecten om te kunnen werken.met de juiste justitielle erfgename documentatie.Sinds de Heer Glenn Matabik uit mijn vizier is verdwenen .Lijdt ik onder zijn examinatie gezien levensloopende overtuiging .In bedrijgende situatie.Alleen dat:ik vervolgd wordt door Deutsche autoritaire machthebbende personnen .Die een oppositie hebben ,weten te verbaaren in te handelen ,in Ontzichtbaarheid.

    Ik hou het als volgd iets gekoord .Ik ben gechipt in mijn ogen.Bevinden doe ik me in het GGz franeker friesland.En zou als korte doeleinden graag op vrijevoet buiten deze ,mezelf buiten deze cultuurele omvang doen te kunnen bevinden .mijn telefoon is 0620066859 .wacht op response

  3. leon brunenberg schreef:

    Reactie op basis van de post van de heer Ad Aerts, mij is exact hetzelfde overkomen. Uitval zenuw in rechterboevenbeen na te lang tourniquet en met te hoge druk toepassen. Ik zou graag contact met u hebben aangezien ook ik een juridische weg nu aan het volgen ben.

    Mijn nummer is 06-43051206
    leon.brunenberg@mobilee.nl

Reageer